BACK TO BACK 'Chromatics' - dubbelinterview

DUBBELINTERVIEW 
Stig De Block, kunstenaar & Manu Bloemen, curator.

Met zijn debuut expo BACK TO BACK "From Backyard to Boulevard" uit 2022 gooit de Antwerpse fotograaf Stig De Block zowel nationaal als internationaal hoge ogen. Voor deze solotentoonstelling reisde Stig vijf jaar lang (2018-2023) heen en weer naar Los Angeles waar hij integreerde in één van de ruigste buurten; daar waar Latins en Blacks elkaar vinden, back to back, in hun liefde voor getunede Lowriders. 

De Adelberg stelt nu BACK TO BACK “Chromatics” voor, een nieuwe tentoonstelling van De Block met ongepubliceerd werk en een kennismaking met zijn eerste digitale schilderijen. Bovendien maakte Stig video-opnames van de gesprekken die hij voerde in de Lowrider gemeenschap. Naast de 2D-werken worden ook enkele chromen objecten afkomstige uit en/of gemaakt door de Lowrider gemeenschap tentoongesteld. 

Manu Bloemen cureert zijn vierde tentoonstelling in opdracht van De Adelberg. Met Stig De Block voegt hij een mooie en bijzondere naam toe aan zijn curatorschap voor Galerij CCDA.  

BACK TO BACK "Chromatics" door Stig De Block

Do 18.04 t.e.m. zo 19.05.2024 - Galerij CCDA


Stig, hoe is BACK TO BACK "Chromatics" anders dan BACK TO BACK "From Backyard to Boulevard"

Stig: “Ik snijd een nieuw hoofdstuk aan binnen Back to Back. Deel één was een introductie naar lowrider cultuur en hoe ik dat documenteer. Deel twee gaat een stapje verder, het wordt persoonlijker en ik introduceer mijn eerste digitale schilderijen genaamd Chromatics, een rechtstreekse verwijzing naar chrome onderdelen en het chromatiek kleurenpalette. Naast de 2D-werken toon ik ook enkele objecten in chrome, afkomstig van de Lowrider gemeenschap, en video-opnames van de gesprekken die ik in de Lowrider gemeenschap voerde.”

Waarom is deze cultuur bijzonder voor jou? 
Stig: “Het was een homecoming moment toen ik voor het eerst een Lowrider event bezocht. Mijn interesses groeide al tijdens mijn tienerjaren: de stadsstructuur van L.A., de oneindige chaos in een gestructureerd grid, de architectuur van de Spaanse mid-century huizen, hoe mensen zich kleden, de kruisbestuiving van diverse culturen en voornamelijk de muziek en de auto’s. Alles en nog veel meer kwam daar samen op één fysieke plek. Ook het licht is een belangrijk onderdeel van mijn werk. Dat heb je maar op enkele plekken op aarde.”


“Tonen waar het hier echt om draait” (Stig)


In jouw boek toon je auto’s, maar ook de mensen en gebouwen. 

Sitg: “Het verbindende aspect zijn de lowrider auto’s. Die staan letterlijk en figuurlijk op een piëdestal. Maar het zijn de mensen die de cultuur verspreiden. Ik heb getracht om een zo echt mogelijk beeld neer te zetten van een vaak fout geïnterpreteerde cultuur. Ik wilde graag tonen waar het echt om draait: de positiviteit, het samenhorigheidsgevoel, de safe zone voor jongeren, het samenkomen van vrienden en familie, hun inzet voor goede doelen enz... De alomvattendheid van deze cultuur verplichtte mij om meer te tonen dan auto’s alleen.”

Hoe waren de reacties in de Lowrider gemeenschap? Vonden ze het oké, die fotograaf in hun buurt, of heb je hen moeten overtuigen? 
Stig: “Ik ben in 4,5 jaar tijd twaalf keer in L.A. geweest. Op de boulevardevents, barbecues, babyshowers en parking meetings, die ik doorheen die jaren heb bezocht, was ik altijd de enige witte Europeaan, mét camera. Dus ik viel wel op ja. Ik denk dat het iets heel menselijks is om ofwel nieuwsgierig of achterdochtig te zijn als je iets of iemand niet kent. Daarom was ik van in het begin heel transparant over mijn beweegreden. Ik ben al van kindsbeen af, via muziek en films, gefascineerd door deze subcultuur, maar maakte er nooit deel van uit. Door een intiem portret te schetsen, kon ik er nu ook aan participeren. Ik praatte één op één met een wederzijds respect en interesse voor hun levenswerk. 

Hou je nog contact met de mensen daar? 
Stig: “Na het publiceren van het boek ben ik met twee koffers vol boeken teruggekeerd om deze uit te delen aan de vrienden en kennissen. Mijn close-circle is bovendien op de hoogte van mijn intenties en toekomstplannen met het werk.”

Jouw debuut expo werd zeer goed onthaald in binnen- en buitenland. Was je verrast?
Stig: “Uiteraard! Na al die jaren als me, myself and I naar die beelden te staren, stuur je ze de wereld in. Dat is een heel fragiel en spannend moment. Vanaf dan is het niet meer van mij. Je stapt uit je comfort zone. Dan is het van iedereen en worden de meningen gevormd.”

 “Het één op één delen van interesses is wat ons mensen verbindt.” (Stig)

Hoe belangrijk is het voor een kunstenaar om werk te kunnen exposeren?
Stig: “Toonmomenten zijn heel waardevol. Zonder compromissen kan je tonen wie je bent als kunstenaar, wat jouw verhaal is en waarom je het brengt. Fysieke ervaringen, in onze steeds meer digitale wereld, zijn dan ook erg belangrijk geworden, vind ik persoonlijk. De connectie met het publiek is van onschatbare waarde. Ik probeer daarom zelf zo veel mogelijk aanwezig te zijn. Back to Back is een persoonlijk verhaal. Iemand met een gedeelde passie voor deze cultuur of een onderdeel van het werk is een grote meerwaarde. Het één op één delen van interesses is wat ons mensen verbindt.”

BACK TO BACK "From Backyard to Boulevard" stond in Art Basel Miami, Rencontres d’Arles en Photo London. Hoe ben je daar terecht gekomen? 
Sitg: “Na de opening van mijn debuutshow, in oktober 2022, ben ik naar Art Basel Miami op prospectie gegaan om te ontdekken hoe de kunstwereld daar werkt. Een jaar later had ik mijn soloshow tijdens diezelfde beurs. Dat zijn milestones en een team effort. Ik werk nauw samen met Homecoming Gallery in Amsterdam en mijn uitgever Hopper & Fuchs. Samen selecteren we fine-art en artbook fairs waar we het werk zien passen. Dan is het hopen dat je geselecteerd wordt door een jury of curator.”

Nu breng je jouw werken naar Lommel. Kende jij de Galerij in CC De Adelberg al? 
Stig: “Tijdens mijn eerste bezoek was ik meteen verkocht aan de ruimte. Sommige kunstenaars zijn niet meteen te vinden om te exposeren in een cultuurcentrum. Ik wel. Ik haal er plezier uit om zowel naar Art Basel als naar Lommel te gaan. Mijn werk is voor iedereen! Guillaume Bijl zei me ooit op een feest, diep in de nacht: "Laat uwe kop ni zot maken. Der bestaan nog muren buiten de musea." Ik heb dat altijd onthouden.”

De bezoekers van het muziekfestival Catch in the Dark III krijgen de première van de expo. Het is een mooie kruisbestuiving tussen twee kunstvormen. 
Stig: “Het is zeker een uniek gegeven. We speelden met het idee van een private viewing voor een beperkt publiek. Catch in the Dark leek ons een fijne insteek. De avond van Catch kunnen een beperkt aantal geïnteresseerden de tentoonstelling, vijf dagen voor de opening, bezoeken. Gezien de gelimiteerde capaciteit zal het een first come, first served verhaal zijn. Het maken van foto’s is die avond niet toegestaan (lacht).”

Je hebt ook naam gemaakt in de modewereld. Waar ligt voor jou de toekomst? En ga je ooit een keuze maken?
Stig: “Mijn campagnes en editorial werk combineren met de fine-art scene zijn twee fulltime jobs. Momenteel kan ik de balans goed vinden en vullen zij elkaar goed aan. Een keuze zal ik niet snel maken. Die zal zichzelf presenteren.”

 

“Stig stond meteen bovenaan mijn curatorlijstje” (Manu)

Manu, je bent zelf fotograaf, maar ook al enige tijd curator voor Galerij CCDA. Je hebt een neus voor talent. Hoe ben je met Stig in contact gekomen? 
Manu: “Ik leerde Stig kennen via zijn campagne op Instagram. Die zat zo goed in mekaar en de affiche sprak me meteen aan. Toen hij, in de aanloop naar zijn debuutexpo, in de podcast Welcome to the AA van Alex Agnew & Andries Beckers te horen was, werd ik helemaal geprikkeld en plaatste ik hem meteen bovenaan mijn curatorlijstje. Ik kocht als één van de eersten een werk van hem, tijdens de opening van zijn eerste show. Nog voor alle mediaheisa. De dag erna stuurde ik een mail naar hem om eens te babbelen.” 

"Het opzetten van deze tentoonstelling heeft veel tijd gevraagd, ook omdat we onderweg wel wat tegenslagen moesten overwinnen. En omdat we allebei perfectionistisch zijn in wat we doen.”

Je hebt Lommel duidelijk op de kaart gezet van de galerijwereld. Waar ligt het geheim voor een goede curator? 
Manu: “Ik heb meestal geen verwachtingen, enkel een buikgevoel als mijn kompas. Toen ik als eerste kunstenaar de gloednieuwe galerij mocht openen met mijn solo expo Silica, hing daar ook een curatorschap voor de volgende seizoensopening aan vast. Eénmalig aanvankelijk. Maar de duo-expo Dance, dance, otherwise we are lost van Klaartje Lambrecht en Olympe Tits was een succes. Daarna werd ik in onderling overleg freelance curator."

"Ik zeg zelden nee tegen nieuwe uitdagingen, en het curatorschap boeide me vanaf de eerste seconde. De kunstwereld is een kleine, maar harde wereld. Je moet je stoute schoenen aantrekken en een authentiek en onderbouwd verhaal brengen als je kunstenaars wil overtuigen. Verder moet je durven corrigeren en selecteren, ook als je met grotere namen werkt, maar je mag nooit alles willen bepalen. Samen met team CCDA wil ik een mooi verhaal schrijven voor de Galerij. Ik probeer daarbij verder te denken, over de Lommelse grenzen heen, met focus op kunstenaars die al wat naam hebben gemaakt.”

Als curator moet je heel goed op de hoogte blijven van beeldende kunst.
Manu: “Inderdaad, de kasten in mijn bureau en studio zijn gevuld met artikels, magazines, krantenknipsels en folders. Sinds mijn eerste jaar op de kunstschool in Antwerpen verzamel ik alles: literatuur, actualiteit, kunst... you name it. Toen de sociale media opkwam, ging er weer een nieuwe wereld open. Via Pinterest en Instagram ontdek ik heel veel nieuwe kunstenaars en galerijen.  In een schriftje noteer ik de namen die me het meeste opvallen. Meestal heb ik al vrij snel een blauwdruk in mijn hoofd voor een volgende expo, vervolgens plan ik een atelier bezoek om mijn ideeën in een vorm te gieten. Vaak kan ik niet wachten om ermee aan de slag te gaan en zit ik tot na middernacht met mijn laptop in de zetel.”

“Ik ben aan het curatorschap begonnen zonder ervaring, al kende ik de kunst- en culturele scène al wel een beetje door zelf te exposeren en heel veel expo’s te bezoeken. Mensen beseffen vaak niet hoe verwend we hier zijn, elk weekend kan je qua muziek, kunst en cultuur in België en omstreken de absolute wereldtop ontdekken. Op een zakdoek groot.”

“Een netwerk is ook belangrijk. Uit je kot komen en je engageren is basisregel nummer één. Ook hier geldt: wees jezelf en authentiek, mensen voelen meteen als je een dubbele agenda hebt."

Hoe zie jij de toekomst van jouw curatorschap?
Manu: "Zoals gezegd, sta ik altijd open voor nieuwe uitdagingen. Mijn grote drijfveer is bewijzen dat kunst met de grote K niet enkel in de grote steden te zien is. We liggen centraal tussen Hasselt en Eindhoven. Een Borremans expo in Lommel, waarom niet? Galerij CCDA heeft er de capaciteiten voor.”

Interview door Rudi Lavreysen